Le Plus Grand Belge

Het is maar dat u het weet. In 1992 begon ik bij de VRT met een kleine redactie en een zeer bescheiden begroting met een wekelijks historisch programma dat de reekstitel “Boulevard (naar het verleden)” droeg. Dat werd 5 jaar later Histories en tegen die tijd speldde Bert de Graeve de onnozele hanzen in het Vlaams Parlement op de mouw dat die oudere generatie omroepmedewerkers maar best kon ophoepelen. Het parlement trapte erin, schortte een beloofde belastingvermindering op om de operatie te betalen en ik en 400 anderen stapten vol vreugde uit. Ik ben geen belanghebbende in het volgende verhaal maar kan u echt niet de strengste objectiviteit beloven die u dagelijks en onomstotelijk van de VRT krijgt.

Louis De Potter, Harry Potter en de Vorst

[inline:01]
Louis De Potter
Op 25 augustus 1830 begon in Brussel de Belgische muiterij. De leiders van de rebellie waren voornamelijk Franse ballingen en rattachisten die de Zuidelijke Nederlanden wilden aansluiten bij Frankrijk. De enige Vlaming onder de rebellenleiders was de Bruggeling Louis De Potter. Hij droomde van een confederale republiek naar Zwitsers model.

De Potters visie haalde het niet. Het Franse kamp was hem te slim af. Toen de buitenlandse grootmachten het aan deze laatsten duidelijk maakten dat vereniging met Frankrijk uitgesloten was, toonden de rattachisten zich volleerde opportunisten. Ze vormden zich om tot Belgicisten die België uitbouwden tot een centralistische, unitaire kloon van Frankrijk waar uitsluitend Frans als landstaal werd erkend. De Potter zou in 1839 schrijven dat er in het nieuwe België minder vrijheid bestond dan in het Verenigde Nederland, en dat Noord en Zuid herenigd moesten worden. Het deed er voor hem zelfs niet meer toe of dit “met of zonder het Huis van Nassau” zou gebeuren.

Van Protestanten en Katholieken

Ik heb jarenlang nauw samengewerkt met het Nederlandse Teleac (= Televisie Academie). Een hoogtepunt waren de Italiaanse Cursussen Andiamo en Pronto. In het cursusboek moesten twee voorbeelden van een ingevulde hotelregistratiekaart staan. De Nederlandse collega’s vroegen mij het Vlaamse voorbeeld in te vullen en ik liet drukken: nationaliteit: Fiammingho, land: la Fiandra. Bij Teleac konden ze er achteraf mee lachen want dat was blijkbaar een van de excentrieke trekjes van hun co-producent. Ik kreeg alleen een bijzonder giftige reactie van een docente Italiaans die door Teleac ingehuurd was.

Leven en Liefde van Leopold

Drie jaar geleden verscheen bij een grote, eertijds Vlaams-nationalistische, uitgeverij een boek over het “leven en de liefdes van Leopold I.” Ik heb dat boek nooit gelezen. Zelf publiceerde ik enkele maanden geleden bij een Engelse uitgeverij een geschiedenis van België onder de titel “A Throne in Brussels.”  Ik gebruik daarbij het verhaal van ‘onze’ zes vorsten als kapstok om mijn verhaal over België te vertellen. De monarchie is, samen met de Sociale Zekerheid, immers één van de twee pijlers waarop de Belgische constructie rust.

Vorige week ontving ik een brief van de schrijfster van het boek over Leopold I. Ze beschuldigt mij van plagiaat omdat ik, zonder haar te vermelden, geciteerd zou hebben uit brieven van Leopold die in haar boek vermeld staan. Het is de eerste keer dat ik van plagiaat beschuldigd word. Het feit dat het gaat om mijn eigen hoofdstuk over Leopold I, dat ik reeds in 1999 en 2000 schreef, en toen reeds aan een aantal mensen toestuurde, waaronder een literaire agent in Londen, de Britse auteur Hugo Vickers, en een aantal Vlaamse journalisten en professoren, betekent dat ze haar klacht niet hard kan maken. De brieven waaruit ik citeer werden ook in ander historisch werk reeds aangehaald.

Collectivisering op Kosten van de Eigenaars

De overheid is weer op alle fronten in opmars en dreigt het economische en morele weefsel van de samenleving aan flarden te scheuren. Per saldo is het aantal ambtenaren in Vlaanderen de laatste jaren terug gestegen. De superboetes in het verkeer mogen dan al een goede methode zijn om de verkeersveiligheid te bevorderen, ze dienen duidelijk ook om het overheidsbeslag vooral op de werkende bevolking – die helaas steeds meer gehaast is en daardoor wel eens te zwaar op het gaspedaal duwt - te verhogen. De inkomsten van de superboetes worden immers niet gecompenseerd door een globale daling van de belastingdruk. Er is evenwel een zo mogelijk nog schadelijker groei van de overheidsmacht en –bemoeienis aan de gang. De overheid trekt steeds meer verantwoordelijkheden en taken naar zich toe, zonder daarvoor de nodige fondsen te reserveren. De nieuwe overheidstaken moeten immers door en op kosten van de onderdanen uitgevoerd worden. Niet alleen het aantal overheidsbureaucraten groeit zienderogen, ook het aantal bureaucraten in loondienst van de privé-ondernemingen en de administratieve taken van de particulieren neemt toe onder druk van de regelgeving. De overheid krijgt de bijkomende macht, de onderdanen het bijkomende werk.  Door telkens nieuwe regels op te leggen aan de burgers, kan de overheid pochen dat zij actief strijd voert tegen discriminatie, sociale uitsluiting, milieuvervuiling; werkonzekerheid en woononzekerheid.

Wij Lenen Onze Grond van de Overheid

[inline:01]
John Locke
De Amerikaanse constitutie en de idee van de universele mensenrechten zijn sterk gebaseerd op het werk van John Locke. Volgens Locke is de individuele mens het best geplaatst om zichzelf te redden en te ontwikkelen. Daarom zijn leven, vrijheid en eigendom onaantastbaar en de enige rechten die de staat voor zijn burgers moet vrijwaren. Sinds de 18de eeuw is de vooruitgang in de strijd tegen onderdrukking en uitbuiting van mensen door mensen in een stroomversnelling geraakt door de logica te volgen dat de wet er is om leven, eigendom en vrijheid van mensen te vrijwaren tegen inbreuken door andere mensen. Toch bleef de idee bestaan dat de wet ook dient om leven en goederen te beschermen tegen aardbevingen, bacteriële infecties en andere gevaren van niet-menselijke oorsprong. De wet kan daarbij evenwel alleen helpen door mensen te verplichten zelf voorzorgen te nemen (verplichte verzekeringen) of door mensen te verplichten te delen met slachtoffers van het noodlot (‘sociale’ verplichte herverdeling). De vraag is dan of de logica van de rechtsstaat niet fataal doorbroken wordt.

De Ruimtelijke Ordening van de Dood

[inline:01]
Robert Mugabe
In het westen begrijpt men niet waarom president Robert Mugabe zijn land in de vernieling rijdt. Eens was de man een nationale en internationale held. Als onafhankelijkheidstrijder gaf hij zijn volk soevereiniteit en als democratisch verkozen leider bracht hij verzoening en welvaart. Zimbabwe gold lange tijd als een model voor Afrika en een model voor het samenleven van de autochtonen en de afstammelingen van de kolonisten. Sinds enkele jaren is Mugabe een dictator geworden. Hoe is het zover kunnen komen? Enerzijds nam zijn populariteit af door zijn rampzalig beleid van de laatste jaren waardoor zijn macht steeds afhankelijker is geworden van de geheime politie, de censuur en de staatsterreur. Anderzijds klampt hij zich vast aan de macht omdat hij van zichzelf vindt dat hij nog altijd de vader des vaderlands is. Alleen hij heeft immers de daadkracht om komaf te maken met alle bouwovertredingen in zijn land. Hij alleen is verlicht genoeg om te besluiten dat de sloppenwijken moeten verdwijnen. Vandaar de verbijsterende ondergang van Zimbabwe.

Aflaten in Keulen

De deelnemers aan de Wereldjongerendagen in Keulen kunnen speciale aflaten verkrijgen indien zij met de nodige devotie aan de plechtigheden deelnemen. Rik Torfs zit er niet op te wachten.

Aflaten hebben nog altijd een bijklank van commercie en misbruiken, maar de tijd dat men aflaten kon kopen is allang voorbij. In Keulen gaat het echter om iets helemaal anders. Niet alleen kan je een aflaat verdienen door deel te nemen aan de plechtigheden met de vereiste devotie, maar ook door te bidden voor de deelnemers en aan God te vragen dat de jonge christenen zich versterken in hun geloof en in het respect voor hun ouders, en zich engageren om christelijk te leven. Niet bepaald iets om je druk over te maken, zou je misschien denken, en tenslotte toch niet meer dan een formalisme, maar dat is dan buiten Rik Torfs gerekend.

Syndicate content